Januari 2022

Januari - senior


Onze huisdieren worden ouder en ouder, dit wordt mede mogelijk gemaakt door een betere preventieve zorg. Bepalen vanaf welke leeftijd een dier als senior wordt beschouwd, is afhankelijk van de grootte van het dier. Katten en kleine hondenrassen behoren tot de seniorgroep vanaf 10 jaar leeftijd, middelmatige hondenrassen vanaf 8 jaar en grote rassen vanaf 6 jaar. Uiteraard is leeftijd slechts een cijfer en zijn dit gemiddelden. Sommige dieren krijgen reeds vroeger bepaalde klachten, andere dieren pas veel later.

Laat ons starten met de katten. Zoals reeds vermeld kunnen we van een seniorkat spreken vanaf de leeftijd van 10 jaar. Vanaf deze leeftijd is het interessant om jaarlijks een controle bloedonderzoek uit te voeren. Zo kunnen we (nog niet zichtbare) onderliggende problemen sneller opsporen én beschikken we meteen over een individueel vergelijkingspunt voor later.

Er zijn uiteraard ook zaken die je wél kunnen opvallen. Zo is het belangrijk om na te gaan dat je kat niet opvallend meer begint te drinken en/of plassen. Dit kan namelijk wijzen op allerhande onderliggende problemen, denk maar aan nierproblemen of een versterkte werking van de schildklier.

Daarnaast kunnen katten op oudere leeftijd ook last beginnen krijgen van hun gewrichten. Dit merk je vaak doordat de kat niet meer vlot op bepaalde (hoge) objecten kan springen of dat ze haar vacht achteraan minder goed onderhoudt. Dit laatste vereist namelijk veel flexibiliteit in nek en rug. Ook dit zijn zaken die zeer traag evolueren en dus niet meteen in het oog springen. In ernstige gevallen kan het geven van een pijnstiller al noodzakelijk zijn, in andere situaties kan een speciale voeding (of bepaalde supplementen) overwogen worden. Hierin zitten bestanddelen die gewrichten ondersteunen en zo de achteruitgang hiervan afremmen.

Een zeer specifiek probleem bij oudere katten is vaak dat ze last krijgen van ingegroeide nagels. Dit ogenschijnlijk makkelijk te herkennen (en te verhelpen) probleem, wordt echter maar al te vaak over het hoofd gezien. Let hier dus ook zeker extra op.

Bij honden zijn rasverschillen veel meer uitgesproken dan bij katten. Elk ras heeft dan ook zijn of haar specifieke risicofactoren waar wij als dierenarts rekening mee moeten houden. Ook hier blijft een jaarlijks algemeen bloedonderzoek zeer interessant om te overwegen, ook al merk je nog geen veranderingen bij je hond.

Net zoals bij de kat, is de drankopname van je hond opvolgen belangrijk. Indien je hond meer dan 100ml per kg per 24 uur drinkt, dan neem je best contact met ons op. Vanaf deze hoeveelheid is het namelijk mogelijk dat er een onderliggend probleem aanwezig is (bijvoorbeeld diabetes, nierproblemen). Daarnaast komen ook gewrichtsproblematieken courant voor. Hiervoor kunnen onder andere gewrichtssupplementen worden bijgegeven zodat de smerende werking van een gewricht gewaarborgd blijft. Bijkomend is het belangrijk om overgewicht te vermijden, zodat de gewrichten minder belast worden. Overschakelen naar een seniorvoeding kan hier al deels toe bijdragen.

Uiteraard zijn er nog vele andere klachten die de kop kunnen opsteken. Twijfel dus zeker niet om ons te contacteren mocht je nog met vragen zitten of twijfelen of je dier al dan niet nood heeft aan opvolging.